
Jan Tellegen maakt er het beste van
Met grote fysieke beperking inzet als vrijwilliger
OENE – Jan Tellegen rolde door afwijking aan beide heupen van de ene operatie in de andere, van de ene langdurige revalidatie in de volgende. Het belette hem niet om met al die fysieke beperkingen zijn nek uit te steken als vrijwilliger. Een aangrijpend verhaal van een doorzetter die zich naar eigen zeggen niet als een krakkemikkige kerel in de hoek laat zetten, maar van het leven maakt wat er van te maken valt.
Het relaas van een verpleegkundige die stukje bij beetje zijn baan moest opgeven, van -letterlijk en figuurlijk- vallen en opstaan. Tegen de eeuwwisseling voltrok zich het onvermijdelijke, een eerste operatie met als nasleep maandenlange revalidatie. Dat herhaalde zich bij een tweede heupcorrectie.
Jan: “Dat hele proces kun je gelijk schakelen met topsport. Het vergt geestelijk en lichamelijk het uiterste. Mijn eigenlijke werk kon ik vergeten; het werd een vlucht naar een administratief alternatief.
Ada en ik werkten beide parttime. Dat vergde veel improvisatie in een gezin met vier jonge kinderen. We vielen financieel buiten allerlei regelingen. Dankzij de steun van familie, vrienden en kennissen, het intensieve sociale netwerk, zijn we door die periode heen gekomen.”
Tegenslag
Maar de weg naar de toekomst bleek geplaveid met nieuwe tegenslagen. Jan: “Ik kon in de verpleegkunde niet meer verder. In het bakhuis achter de oude Landbouwschool stortte ik me als vrijwilliger op dagbesteding voor mensen met een verstandelijke beperking. Zo bleef de structuur behouden, totdat de locatie daar werd gesloten en ik in een diep gat viel. Een hersenbloeding wierp me verder achteruit.
De huisarts en de stiching Mee hebben ervoor gezorgd dat ik zelf in de dagbesteding terecht kwam. Dat voltrok zich bij de stichting Siva, een activiteitencentrum in Teuge, waar ik leerde tekenen, schilderen en houtbewerken. Weer kwam er een kink in de kabel. De taxivergoeding verviel. Mijn vader heeft me daarna nog een paar jaar van en naar Teuge gebracht.”
Doorzetter
Tellegen maakte in Teuge indruk met zijn grote doorzettingsvermogen. “Ik werd benoemd in de kunstcommissie. We organiseren exposities in de sfeer van kunstuitingen met een verhaal.
Zo kwamen we er ook mee in het Kulturhus in Oene terecht. Daar ben ik gevraagd om mee te draaien in het beheer. Ondanks nog weer twee heupoperaties en de daarmee samenhangende lichamelijke beperking heb ik een diploma voor het werken in de bardienst en een brevet reanimatie behaald. Ik maak me verdienstelijk met behandeling post, het verzorgen van planten, controle van sanitaire blok, helpen in de tuin, koffie zetten enzovoort. Door corona is dat allemaal op een wat lager pitje gekomen, maar in het najaar hopen we daar weer mee verder te kunnen.
Als kind ben ik betrokken bij het kerkelijk verenigingsgebouw De Ark. Daar draag ik naar vermogen bij aan de werkzaamheden van de tuinploeg.”
Nare val
Door de heupoperaties en vooral het langdurige revalideren zat er voor hem de laatste jaren geen vakantie in Jan: “Ada moest er een paar dagen alleen op uit. Haar werk in de zorg naast de huishouding en de steun aan mij is met geen pen te beschrijven.
Vorige maand konden we dan eindelijk samen een weekje naar Limburg. Viel ik daar van de fiets en brak mijn bovenbeen. Ik zit nu voor 12 weken vast aan de rolstoel. Daarna stapje voor stapje werken aan herstel. Ik moet stabieler worden.
Een tijdje geleden kreeg ik een beleving, waarbij de warmte van mijn benen omhoog trok. De volgende dag kon ik weer recht vooruit met de rollator. Een klein wonder. Daar houd ik me aan vast. Ik leid vanaf mijn 38ste een leven van vallen en opstaan. Het is zo fijn dat ik met al mijn ongemak toch wat terug kan doen voor de maatschappij, voor alle lieve mensen die me omringen, een aantal vanaf de lagere school. Ik ben een positief ingesteld mens.”

Tekst en foto: Dick van der Veen

EpeVertelt! is een rubriek waarbij EpeDoet! mensen uitnodigt die vertellen over het vrijwilligerswerk dat zij doen. Deze keer gingen we in gesprek met Fred Lübbers. Hij is al 3 jaar OV-ambassadeur bij ‘Ervaar het OV’. Hij vertelt ons hoe hij senioren kennis laat maken met het openbaar vervoer. “Als iemand zegt: ‘ik stap in de bus’ of ‘ik ga toch een proefreisje maken’ dan denk ik: ik heb mijn doel bereikt.”
Ervaar het OV is een project opgezet door de provincies Gelderland, Flevoland en Overijssel. In deze provincies zijn ongeveer veertig vrijwillige OV-ambassadeurs actief. Ze zijn zichtbaar in bibliotheken in verschillende dorpen en steden waar ze maandelijkse spreekuren houden.
Spreekuren, proefreizen en informatieavonden
Fred is ook een paar keer in Epe geweest om het spreekuur te houden. “Daar komen iedere keer zo’n 6 à 7 mensen. Dat zijn voornamelijk senioren die na deze coronaperiode weer met het OV willen reizen maar eerst toch nog enkele vragen hebben. Tijdens de coronaperiode zijn er telefonische spreekuren opgezet. Elke week is een aantal ambassadeurs online om vragen te beantwoorden.” Dit is zo succesvol dat het spreekuur ook na de coronaperiode doorgaat. “Mensen willen niet met hun vraag wachten tot een fysiek spreekuur, want dat is maar één keer in de maand.”
Maar voor sommige vragen is langskomen op het spreekuur handiger. “Als iemand iets uitgelegd wil hebben, dan is telefonische hulp eigenlijk niet goed te geven. Bijvoorbeeld over waar iets te vinden is of over hoe een app op de telefoon werkt.”
Verder gaan de vragen vaak over het gebruik van de OV-chipkaart. “De meeste vragen zijn heel gericht, maar soms komen er bezoekers die over meer reisaspecten onzeker zijn. Hoe gaat het reizen nou precies? Kan ik het wel alleen? Je moet dus vooral een luisterend oor zijn en door kunnen vragen.” Dat is dus ook de houding die Fred vaak aanneemt tijdens het spreekuur. “Want soms ligt er een vraag achter de vraag waarvoor de persoon eigenlijk naar het spreekuur komt. Ook komt er af en toe onzekerheid of schaamte onder vandaan.” Voor dit soort vragen bestaan er ook proefreizen, vertelt Fred. Twee OV-ambassadeurs nemen een groepje mensen op sleeptouw mee in bus, trein en alles wat daarbij komt kijken. “Als OV-ambassadeur kan je ook informatieavonden organiseren om voor een grotere groep geïnteresseerden waar je globaal vertelt over reizen in het OV.”
Steun vanuit het kantoor
Ervaar het OV is een project opgezet door de provincies Gelderland, Flevoland en Overijssel. Er zijn een paar professionals vanuit YMCA betrokken die op kantoor bereikbaar zijn. Fred vertelt over de band met kantoor: “De band met de mensen op kantoor is goed, je kan ze bereiken met vragen die je tegenkomt tijdens het werk. Ze doen de planning en houden zo goed mogelijk rekening met je wensen. Twee keer per jaar is er een bijeenkomst met alle OV-ambassadeurs. Hier hebben we het erover waar we tegenaan lopen in het werk. We leren dan van én met elkaar. Daarnaast vindt er een jaarlijks uitje plaats.”
Er komt ook een stukje administratie bij kijken. “Ik probeer van elk gesprek een verslagje te maken voor het kantoor in Zwolle. Dan weten zij welke vragen er binnenkomen. Dat vinden de provincies natuurlijk ook fijn om te weten.”
Een koffer vol
Fred heeft een koffer bij zich die hij steevast meebrengt tijdens zijn vrijwilligerswerk. Deze koffer is gevuld met verschillende formulieren en informatiefolders. Dit om aan te sluiten bij de behoefte van de bezoekers van het spreekuur. Elke vrijwilliger krijgt zo’n koffer. “Als je begint met OV-ambassadeur zijn, dan krijg je ook een training. De informatie die wij gebruiken ontwikkelt zich door. Als je wilt, kan je als vrijwilliger samen met de professionals op kantoor daar aan werken.”
Voorlichter én luisterend oor
Fred vertelt over zijn rol als vrijwilliger: ” Je zit er voor de mensen. En je hebt oor voor ze. Dát is het allerbelangrijkste. Het voorlichten is een eerste taak, maar het sociale is ook heel belangrijk. Mensen komen naar het spreekuur met hun verhaal. Het zijn toch veelal eenzame mensen. Zij komen ook naar het spreekuur om bij de bibliotheek een lekker bakje koffie te pakken. Dan gaan ze zitten en het gesprek volgt. Wanneer ze alleen op het spreekuur zijn dan komen vaak de verhalen. Soms praten ze over wat niet goed is gegaan. Andere keren gaat het over hoe ze bij de kleinkinderen op bezoek gaan.”
OV-ambassadeur zijn en worden?
“Ik doe dit werk ook om het reizen met het OV echt meer te promoten, het heeft zeker voordelen als je op leeftijd bent. Je helpt mensen over de drempel om op een milieuvriendelijke manier voor reizen met OV te kiezen. OV-ambassadeur zijn, is ongekend plezierig. Vooral de diversiteit aan vragen die langskomen en de positieve reacties achteraf maken het vrijwilligerswerk mooi.”
Wil jij ook mensen op weg helpen in het openbaar vervoer? Ervaar het OV is op zoek naar nieuwe OV-ambassadeurs. Mogen zij jou als nieuwe collega verwelkomen? Meer informatie vind je hier.


EpeVertelt! is een rubriek waarbij EpeDoet! mensen uitnodigt die vertellen over het vrijwilligerswerk dat zij doen. Deze keer gingen we in gesprek met één van de steunouders van Koppel-Swoe. Zij vertelt ons hoe ze wekelijks ’s middags een kind extra in haar gezin heeft. Haar oproep luidt: stel je huis open voor een ander kind en ondersteun daarmee een andere ouder.
We gingen in gesprek met één van de vrijwilligers die steunouder is bij Koppel-Swoe. Op verzoek plaatsen we dit artikel anoniem. De Steunouder waarmee we spraken heeft zelf een gezin met drie kinderen. “Als gezin stellen wij ons huis open voor vriendjes maar we wilden ons huis ook open stellen voor andere kinderen. We hebben gekeken naar pleegzorg maar dit was een grote stap. We zijn gaan kijken hoe we op kleinere schaal ook iets voor andere kinderen konden betekenen en kwamen het initiatief steunouder tegen”, wordt ons vertelt.
Steunouder
Als steunouder stel je één dag in de week je huis open voor één of meerdere andere kinderen. Deze geïnterviewde steunouder vertelt: “Hulp vragen is moeilijk en het hoeft niet altijd iets groots te zijn. Soms loopt het gewoon even niet en heb je wat extra ruimte nodig. Dan kan je een steunouder inschakelen. Zo’n vrijwilliger kan van zo’n grote betekenis zijn.”
“Een netwerk om op terug te kunnen vallen, is niet voor iedereen vanzelfsprekend. Hiermee kunnen wij de vraagouder ontlasten en ondersteuning bieden. Voor ons is het heel makkelijk om te doen. Het kind kan gewoon meedraaien in ons gezin.” Aldus deze steunouder. Daarbij benoemt ze dat zij het als makkelijk ervaart maar dat dit gevoel per situatie natuurlijk wisselend kan zijn.
Een steunouder middag
“Het kind kan na school bij ons spelen en meedraaien in het ritme van ons gezin. Samen wat drinken en daarna bijvoorbeeld buiten spelen. Ik probeer zelf altijd tijd te maken voor wat extra één-op-één aandacht. Bijvoorbeeld door samen een spelletje te spelen. Want als steunouder ben je er voor het kind en investeer je in het kind”, aldus deze steunouder.
Het contact ga je aan voor een vaste periode, dit wordt samen bepaald. Tijdens het contact zijn er ook evaluatie momenten. “Onze indruk? Het kind geniet als het bij ons is. Heeft het zeer naar zijn zin en huppelt bij ons naar binnen. We hebben samen een vaste dag in de week vastgesteld. Die structuur is erg fijn. De ouders geven aan dat hun kind het erg naar zijn zin heeft bij ons. Voor zijn moeder ontstaat er een fijn rustmoment. Zo krijgt ze zelf overzicht”.
Hoe verloopt het traject?
Er is eerst een intake waarbij wordt gekeken naar de samenstelling van het gezin. De steunouder vertelt hierover: “Dan wordt heel serieus gekeken naar een match. Bij ons is dit erg goed ingeschat. Er was gelijk een match.” Ze vult aan: “Ze geven eerst een omschrijving van een kind en de vraag om te kijken of het passend is. Als dat goed lijkt, volgt er een kennismaking. Daarna kunnen beide partijen aangeven of er een klik is of niet. Als er een klik is volgt er een gesprek waarbij je samen de praktische invulling bepaalt.”
‘Het past in het ritme dat wij als gezin hebben’
De steunouder die we spreken voor dit EpeDoet!-verhaal, begrijpt niet dat er niet meer mensen zijn dit doen. “Het is totaal niet ingewikkeld. Een kind draait gewoon mee met datgene wat er al is. Het past in het gewone ritme dat wij als gezin hebben”, vertelt ze.
Wil jij ook steunouder worden? Steunouder is op zoek naar nieuwe vrijwilligers. Ook wanneer je zelf geen kinderen of partner hebt kun je steunouder worden. Meer informatie vind je hier.
Foto: Oranje Fonds – Remko de Waal

EpeVertelt! is een rubriek waarbij EpeDoet! mensen uitnodigt die vertellen over het vrijwilligerswerk dat zij doen. Deze keer gingen we in gesprek met Nienke Lavooij. Zij is één van de vrijwilligers die Klets & Koek in Vaassen begeleidt. Klets & Koek is een ochtend voor vrouwen die als nieuwkomer naar Vaassen zijn gekomen. Ze begint gelijk te vertellen wat er zo leuk is aan Klets & Koek. “Ik doe het met veel plezier en het voelt niet als werk. Je ziet groei bij de vrouwen, dat is mooi om mee te maken. En je legt vriendschap over grenzen, dit opent je blik naar buiten.”
Klets & Koek is een koffie-ochtend voor nieuwkomer vrouwen. De groep draait nu zo’n vier jaar en Nienke is hier vanaf het begin bij betrokken. “Op dit moment komen er veel Syrische vrouwen maar iedereen is welkom. Het is een groep met veel jonge vrouwen, ze zijn heel sociaal en gericht op de maatschappij”, vertelt Nienke. De invulling van de ochtend kan heel wisselend zijn: in gesprek zijn met elkaar, een spel spelen, sportieve activiteiten doen of praktische vragen bespreken. “Alles wat er gedaan wordt, draagt ook weer bij aan de taalontwikkeling van de vrouwen.”
In de praktijk
Nienke vertelt: “In corona tijd wilden de vrouwen graag sporten. Toen stond ik dus sportlessen te geven vanaf mijn mobiel. We gaan sindsdien ook samen wandelen. Er worden vragen gesteld. Dit kunnen hele praktische vragen zijn maar we spreken ook over intieme onderwerpen.”
Er volgt een ander mooi voorbeeld. “Voor sommige vrouwen geldt dat ze plots gevlucht zijn en alles achter moesten laten. Eén van de vrouwen had er veel moeite mee dat ze haar trouwfoto’s niet meer had. Er is een trouwjurk geregeld en we hebben opnieuw een klein feestje gevierd en deze foto’s gemaakt”, zegt Nienke.
Het zijn allemaal vrouwen uit Vaassen, waar Nienke zelf ook woont. Naast de ochtend kom je elkaar tegen in het dorp, dat vindt Nienke echt een kracht van Klets & Koek. “Even een praatje maken en kijken hoe het met elkaar gaat. Ook dat draagt weer bij aan de taalontwikkeling”, vertelt ze.
Heel flexibel
Vrijwilligerswerk bij Klets & Koek is heel flexibel. Elke woensdag komt men van 9.30 tot 11.00 uur bij elkaar. Er is een groep vrijwilligers die roulerend deze ochtend begeleidt. Hiervoor wordt een rooster gemaakt. Zo kun je zelf aangeven wanneer het voor jou uitkomt. Daarnaast zijn er momenten waarop de groep even stil ligt, denk aan de ramadan en schoolvakanties.
‘Je groeit met de groep mee’
“Je groeit met de groep mee en sluit hierbij aan”, vertelt Nienke. “Door de gesprekken met de vrouwen ga ik ze steeds beter begrijpen. Ze vertellen over hoe hun situatie in Syrië was, bijvoorbeeld over het huis en de familie dichtbij. Vrouwen vertellen over hun ouders die ze niet kunnen bezoeken. Je kunt je voorstellen hoe dat moet voelen”, vult ze aan.
We vroegen haar wat er belangrijk is voor een vrijwilliger. Ze zegt: “Het is noodzakelijk om rustig en langzaam te praten en om eenvoudig Nederlands te gebruiken zodat je begrepen wordt. Het is goed dat je initiatief durft te pakken maar het bijvoorbeeld ook durft te benoemen als de vrouwen terug vallen in hun moedertaal.”
Help jij straks ook bij Klets & Koek?
Klets & Koek is op zoek naar nieuwe vrijwilligers. Wil jij net als Nienke eens in de zoveel tijd deze ochtend begeleiden? Reageer dan hieronder. Ze vertelt je wat dit vrijwilligerswerk zo onderscheidend maakt: “Het contact met elkaar is erg mooi. Contact met andere culturen, het is heel stimulerend en leuk om te ervaren. Je krijgt er wat voor terug, het is echt een wisselwerking onderling”, besluit Nienke. “Mensen kom, het is super leuk om te doen!” Meer informatie vind je hier.


EpeVertelt! is een rubriek waarbij EpeDoet! mensen uitnodigt die vertellen over het vrijwilligerswerk dat zij doen. Deze keer gingen we in gesprek met Joop Egeter. Hij is secretaris van de stichting Veluws Museum Hagendoorns Plaatse, waarvan hij zelf zegt: “Het is schitterend werk!”
“Je houdt iets in stand wat anders niet meer zou bestaan”, begint Joop veelzeggend te vertellen. Als bestuurslid draag je bij aan het behoud van cultureel erfgoed. “We maken beleidsplannen, kijken naar nieuwe exposities en andere museale onderwerpen, bedenken hoe we het museum aantrekkelijker kunnen maken en hoe we een bredere doelgroep kunnen bereiken. Dit zetten we als bestuur uit en hiervoor dragen we samen verantwoordelijkheid”. Joop vertelt verder: “Als bestuur staan we achter onze directeur Patrick Reeuwijk. Hij draagt de visie van het museum uit naar onze vrijwilligers en als bestuur dragen we het weer uit naar buiten. Bijvoorbeeld richting de gemeente of stichtingen zoals Erfgoed Gelderland”. De afgelopen jaren heeft het bestuur plannen gemaakt om het museum aan te passen aan de eisen van deze tijd. Het bestuur werkt daar hard aan, samen met de directeur en de vrijwilligers. “We zijn er nog lang niet, maar de eerste stappen zijn gezet” vertelt Joop.
Het werk van de secretaris
Als secretaris is Joop een aantal uren per week actief. Hij verzorgt de verslaglegging van de vergaderingen, verzorgt de administratie en de archivering en houdt zich bezig met, het meerjarenplan en de jaarverslagen van het museum. Joop vertelt: “De werkzaamheden zijn gegroeid. Het is erg divers”. Het werk als secretaris van Veluws Museum Hagendoorns Plaatse is volgens Joop zinvol en boeiend omdat je bijdraagt aan een organisatie die belangrijk is voor de geschiedeniskundige regionale ontwikkeling. “Je laat het verleden zien en ervaren en de invloed, die dit op het heden en de toekomst heeft. Je geeft mensen een ‘oh ja-beleving.’ “Je bereikt jong en oud op verschillende manieren en dat is erg leuk” zegt Joop.
Het gaat om beleven, doen en voelen
Wanneer je positieve geluiden hoort van bezoekers over het museum is dat natuurlijk een groot compliment. Joop vertelt: Een museum is niet meer, zoals vroeger, een verzameling waar je alleen maar naar mocht kijken. Nee, het gaat om het beleven, mensen iets laten doen en voelen. Dat geeft emoties, prachtig om te zien.” Joop vult het aan met een voorbeeld: “Onze tentoonstelling 75 jaar vrijheid laat je beleven en voelen hoe het is om, verstopt op de hooizolder, in een onderduikplek te kruipen. Zelf te ervaren hoe klein de ruimte is, dat je een dunne strozak, weinig water en maar een klein lampje hebt. Ook laten we zien hoe het is om geen elektriciteit te hebben en dit zelf op te wekken door te fietsen.”
Naast tentoonstellingen geven ze lessen op basisscholen van Epe, Heerde, Hattem en Oldebroek. Joop is hier nauw bij betrokken als coördinator educatie. Joop vertelt: “De jeugd is zich op een goede manier bewust van het verleden. Dit mag niet verloren gaan en hier dragen we ook aan bij.”
Je houdt de geschiedenis in ere
“Je bereikt veel mensen en doet ze een plezier. Je houdt de geschiedenis in ere en zorgt dat niemand snel vergeet hoe het vroeger was. Verder maken we mensen bewust hoe snel veranderingen thans gaan”, vertelt Joop. “Dat we dit als bestuur mede mogelijk mogen maken, is toch fantastisch. Daar doe je het voor! Daarom hoop ik op een goede opvolger, want ik ga er binnenkort mee stoppen”, zegt Joop.
Ben jij Joop zijn opvolger/ster?
Aan het einde van dit jaar heeft Joop twee termijnen van 4 jaar volbracht. Hij hoopt voor die tijd zijn opvolger in te kunnen werken. “Het is een functie die er toe doet maar ook de nodige tijd vraagt. Dit werk moet echt doorgaan, dus mensen, meld je aan!”, sluit Joop af.
Neem jij de werkzaamheden van Joop over en draag je daarmee bij aan het in stand houden van ons cultureel erfgoed? Veluws Museum Hagendoorns Plaatse is op zoek naar een nieuwe secretaris. Je vindt meer informatie via EpeDoet!


EpeVertelt! is een rubriek waarbij EpeDoet! mensen uitnodigt die vertellen over het vrijwilligerswerk dat zij doen. Deze keer gingen we in gesprek met Peter de Beer. Hij is bijrijder en chauffeur op Dierenambulance OverGelder. “Dit is nuttig en uitdagend werk waar je iets van leert. Het zit vol verrassingen”, zegt Peter.
Dierenambulance OverGelder is onderdeel van de Dierenbescherming en heeft als werkgebied gemeente Apeldoorn, Brummen, Deventer, Epe, Lochem, Voorst en Zutphen. Dierenambulance OverGelder bestaat uit drie teams: Apeldoorn, Zutphen en Deventer. “Samen zorgen deze teams ervoor dat er minstens één ambulance op de weg is. In de drukke periodes in het voorjaar en de zomer rijden we met twee ambulances”, vertelt Peter. Hij vult aan: “Je rijdt altijd met z’n tweeën op de ambulance, bijrijder en chauffeur. De chauffeur zorgt ervoor dat de ambulance veilig en snel op de plek komt waar het dier in nood is. De bijrijder houdt contact met de meldkamer en melders en vult van elke melding een formulier in. Zodra je op de locatie bent werk je als team samen.
De dierenambulance werkt voor huisdieren en wilde dieren. Voor grote dieren zoals reeën en herten wordt de boswachter ingeschakeld. Er komen meldingen binnen voor allerlei dieren. Zo divers als de dieren zijn, zo divers is ook het team. “Het is een gemêleerd gezelschap. Ik kom zelf uit de bankwereld, andere zijn mensen werkzaam in het onderwijs of hebben een logistieke functie. Dat maakt het erg leuk”.
Op de ambulance
Als nieuwe vrijwilliger draai je eerst als aspirant mee. Dan rij je mee met een ervaren chauffeur en bijrijder. Je leert in de praktijk en krijgt cursussen. In het werk heb je zo’n 80 procent contact met mensen en ben je de rest van de tijd bezig met dieren. “Samen met collega’s maak je plannen. Je staat er nooit alleen voor. Naast je collega’s op de ambulance hebben we een heel netwerk om op terug te vallen. Denk daarbij aan de verschillende opvanglocaties”, zegt Peter.
De Dierenambulance werkt samen met de verschillende hulpdiensten. “Bijvoorbeeld met Rijkswaterstaat als er een zwaan op de snelweg zit. Ook werken we samen met de politie als er dieren in een woning opgehaald moeten worden. We schakelen de brandweer in, wanneer er een kat in een boom zit”.
Een dienst op de ambulance is altijd anders. In het voorjaar zijn er bijvoorbeeld veel meldingen van jonge dieren in nood. “De jongen dieren brengen we naar de gespecialiseerde opvang. Hier worden ze opgevangen tot ze weer kunnen worden uitgezet. Het is bij sommige dieren heel belangrijk dat ze weer op de vindplaats worden uitgezet. Daarom noteren we die altijd”, vertelt Peter.
Past deze dankbare klus bij jou?
Het is belangrijk om je er bewust van te zijn wat dit werk van je vraagt, vult Peter aan. “Het is niet alleen maar leuk, je krijgt ook met dode en gewonde dieren te maken.” De dierenambulance is zeven dagen per week 24 uur per dag bereikbaar. “We werken in diensten met verschillende tijden, ook in het weekend of nachtdiensten”, vertelt Peter. Je draait twee diensten per week en één keer per maand een weekend- en nachtdienst. Hierbij wisselt het per seizoen hoe druk het is. Dit is de drukke tijd. Als je dienst begint, sta je klaar en dan rijd je van melding naar melding. Maar in de winter heeft de chauffeur de bus thuis staan en haalt hij de bijrijder op als er een melding is”, zegt Peter. “We vragen best veel van onze vrijwilligers, dat beseffen we. Ga voor jezelf na of dit bij je past”, zegt Peter.
“Het werk op de dierenambulance is enorm afwisselend en leerzaam. Maar bovenal dankbare klus. Het is nuttig, geeft voldoening en draagt bij aan mens en dier. Als je iets met dieren hebt, dan zou ik zeker reageren. Het is uitdagend, je leert ervan en het zit vol verrassingen”, sluit Peter af.
Dierenambulance OverGelder is op zoek naar nieuwe vrijwilligers. Zet jij je straks net als Peter in voor de dierenambulance? Je vindt meer informatie via EpeDoet!
